Hulpverlening
Kenniscentrum
Hulpverlening

Praktijkvoorbeeld 1: Joke van Duin

Ik vind alle dagen maar op elkaar lijken. Mijn kinderen gaan hun eigen gang en mijn man is niet vaak thuis.
Mevrouw van Duin is de greep op haar leven kwijt. Ze heeft het gevoel dat de normale problemen waar het leven uit bestaat niet meer kan oplossen. Ze voelt zich overbodig in het gezin, bij haar man en in de samenleving. Hoe heeft het zover kunnen komen? Vroeger had ze ook wel problemen. Ze heeft van de psychiater de diagnose ADHD gekregen. Ze is ook in behandeling geweest.
Ik maak het huis schoon, ik stofzuig. Ik ga naar de supermarkt. Ik voed mijn kinderen op. Maar wie ben ik zelf nog?
Veel mensen hebben het idee dat ze er niet meer toe doen, dat ze buiten het speelveld staan en de regie over hun leven kwijt zijn. Mevrouw van Duin voelt zich ook buitengesloten. Om zich heen ziet ze dat iedereen bezig is met werk, opleiding, hobby en dergelijke. Zelf had ze vroeger ook werk, maar vanwege de kinderen is ze hier mee gestopt. De kinderen zijn inmiddels groot genoeg.
Vaak zit ik achter de computer. meestal doe ik dan spelletjes. mijn man heeft zijn eigen bezigheden, de kinderen hebben hun vrienden, wie heeft mij nog nodig?
Mevrouw van Duin heeft het gevoel er niet meer toe te doen. Ze is door het vele snoepen veel te dik. Hoewel ze nog maar 35 is voelt ze zich oud en lelijk. Ze voelt zich een verliezer. Ze schaamt zich ervoor dat het zover is gekomen. "Waar zijn mijn idealen gebleven, wat is mijn richting, hoe krijg ik weer grip op mijn leven?"
Op een dag ging ik naar de dokter. Ik zei tegen hem dat ik me niet gelukkig voelde. Hij stuurde me naar community support. De supportmedewerker van community support maakte samen met mij een plan.
Met mevrouw van Duin gingen we op een rij zetten wat haar idealen zijn. Ze wilde meer betrokken zijn op haar kinderen, ze wilde weer een meer intieme relatie met haar man, ze wilde betekenis hebben in de samenleving, ze wilde weer omgaan met vrienden. Er was nog veel meer, maar dit was nu eerst het belangrijkste.
Van idealen maakten we doelen. De doelen werden verdeeld in kleine haalbare stappen. Om een stap te halen maakten we een plannetje. Doordat ik steeds meer plannetjes met succes uitvoerde kreeg ik weer zelfvertrouwen.
Mevrouw van Duin wilde bijvoorbeeld weer meer samen doen met haar echtgenoot. Het huwelijk leek wel een bijzonder saaie film geworden. De supportmedewerker maakte samen met mevrouw Duin plannetjes om leuke dingen te gaan doen met haar man. Daar keek hij in het begin wel van op. Ze hadden al lang niets meer samen gedaan.
Vervolgens heb ik me opgegeven als vrijwilliger bij de school van mijn kinderen. De school was heel blij, ze konden me goed gebruiken. Mijn kinderen vonden het leuk en ik leerde nieuwe mensen kennen. Drie vliegen in 1 klap.
Toen mevrouw van Duin weer wist wat haar idealen waren zag ze weer richting in haar leven. Ze wilde bijvoorbeeld nuttig zijn in de samenleving. We kwamen er op uit dat het een goed begin zou zijn actief te worden voor de school. Daarna wilde ze gaan denken aan betaald werk. De langetermijndoelen van mevrouw werden omgezet in kleine stappen die achtereenvolgens behaald werden. Lukte het niet op de ene manier dan wel op een andere. We werken volgens de volgorde Plan-Do-Study-Act. Vooral heel praktisch bezig zijn en niet te veel praten.
We maakten steeds plannetjes, die voerde ik uit en ik schreef ze op in mijn volgsysteen. Heel praktisch. Plannetjes maken en volhouden. De supportmedewerker zag precies wat lukte en niet. Ik raakte steeds enthousiaster!
Plan-Do-Study-Act. Bijvoorbeeld. Elke dag samen met de kinderen eten is het plan. Vervolgens dit gaan doen (Do). Na twee weken kijken of het gelukt is (Study) en daarna bijstellen of verdergaan (Act). In het klantvolgsysteem dat we gebruiken zit ook een scorebord. Mevrouw van Duin kan steeds goed zien wat er al gelukt is. En ook anderen, mensen die mevrouw van Duin ondersteunen, kunnen meekijken.
Ondertussen had ik met mijn supportmedewerker mijn netwerk in kaart gebracht. Er bleken toch nog vriendinnen te zijn die ik al lang niet meer gesproken had. Ze wilden me best helpen toen ik het hun vroeg.
Een enkeling is een drenkeling. Mensen zijn sociale dieren. Ook voor mevrouw van Duin geldt dat ze er bij wil horen, mee wil doen, betekenis wil hebben. Alleen kinderen opvoeden en niet meer met je eigen idealen bezig zijn is voor veel mensen te weinig. Er zijn veel mensen die net als mevrouw van Duin het gevoel hebben van het speelbord afgegooid te zijn. Ze zitten in een nederlaagpositie en ze schamen zich ervoor dat het zover is gekomen. Mevrouw van Duin had al snel een goede steungroep bij elkaar. Oude vriendinnen die haar wilden ondersteunen. In de steungroep spraken we af wie wat kon doen. Ook de psychiater werkte met de steungroep samen en via het volgsysteem kon hij zonder tijdverlies makkelijk op de hoogte blijven.
Ik heb nu periodiek kontakt met mijn supportmedewerker. We bespreken hoe ik mijn doelen behaal en als het niet lukt op de ene manier dan proberen we het op een andere manier. Ik voel me gesteund!
De supportmedewerkers zijn gespecialiseerd in sociale netwerken. Wat het sociale netwerk kan doen, hoeft een hulpverlener niet te doen. Het is onze ervaring dat ondersteuning vanuit het sociale netwerk veel meer effect heeft en duurzamer is, dan de hulp van professionele hulpverleners alleen. Bij ons heeft de hulpverlener een speciale plaats. Hij/zij zorgt ervoor dat er mensen in het netwerk zijn die meehelpen, en dat deze mensen zo goed mogelijk kunnen meehelpen.